Posts tonen met het label Costa Rica. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Costa Rica. Alle posts tonen

maandag 24 november 2014

BUNTER IN DE TROPEN XXIII en SLOT

EPILOOG na COSTA RICA

Reizen is wachten en bewogen worden. Zitten en kijken of soms liggen en slapen en zachtjes gerammeld worden. Altijd wel bewegende beelden zien.
  Het gaat om herinneringen bij een verre en lange reis. Daarom moet iedereen, die een lange en verre reis maakt, bij voorkeur in de tropen of daar in de buurt, bioloog zijn met verstand van planten, bomen, dieren, waaronder vooral insecten en vogels en tegelijkertijd fanatiek dagboekschrijver.
 In lijstvorm ga ik nu antwoord geven op de klassieke, Darwiniaanse vraag: What struck me the most? Wat trof me het meeste? Met deze vraag begint Chas (negentiendeeeuwse afkorting voor Charles) zijn voornaamste boeken en verslagen.
What struck me the most?

Mensen:

A Elio en zijn vrouw, allebei berg-Indianen van Panama   van de Ngöbe Büglé- groepen. Zij waren koffiebessen aan het plukken op de plantage, beschut tegen de regen door grote stukken landbouw-plasticfolie. Ze werden van alle kanten gefotografeerd door de onzen, maar bleven onverstoorbaar rondkruipen tussen de diepgroene koffiestruiken en plukken. Ik probeerde een paar woorden Spaans met ze te spreken, gaf hen een paar dollar voor de foto’s en begreep later, dat ze een dubbel dagloon hadden op die dag.

Even later gingen we met een even origineel mens, de cafetelera of koffieplanter Hans van der Vooren uit Haarlem (11 jaar al in Boquete, Panama) tegen de regen tussen de was van de Indianen staan in lage sjop-achtige onderkomens, waar vrouwen en kinderen huisden. Deze oorspronkelijke bergbewoners van Panama, de erflaters van Midden-Amerika, waren wel gewend aan vreemden. De kinderen vooral poseerden vriendelijk lachend en gewillig.

B De Bribri die we bezochten vanuit Cahuita aan de later totaal overstroomde Caraïbische kust van Costa Rica. Het ‘long house’ op palen met varkens eronder. De medicinale tuin tussen de cacao-bomen. De tuinbeheerder deed cacaopod-pasta op mijn beenwond en ze genas veel sneller. Bri Bri Indianen, de oorspronkelijke Oostkustbewoners van Costa Rica hebben eigen gebieden en worden in ere gehouden met zinnige bezigheden..
Bomen:

De kale Guarumo’s met hun kastanjebladeren.
             De Spathodea’s overal langs de weg bloeiende met fel-oranje tulpkelken.
             Enz. enz.

Bloemen:

De trosjes kleine oranjegele mini-orchideetjes in de tuinen rond Samoa Lodge met een habitus van Zuring, behalve als je de pseudobulb en het blad zag, natuurlijk. Op een tak bij elkaar op een lage boom op ooghoogte! Ik laat ze zien aan onze gids Andrès.

Hotels:

     Ons meest luxe hotel was Arenal Springs bij de vulkaan en met huisjes in een prachtige tuin vol kolibri’s. Het mooiste hotel was zonder twijfel
                Selva Verde in Puerto Vechio de Sarapigi: een echte donkerhouten veranda-achtige opbouw met ruime kamers en geruisloze koele ‘fans’               
                (helikopter-ventilatoren), een porch met stoelen voor mijn sigaartje. Prachtig tegen de primaire/half secundaire jungle aangebouwd. Super!
                In deze oude haven ontmoeten we ook onze sympathiekste gidsen/ biologen. De wanhopige Melky (van Melchisedech!), die jammert om het vele licht van de volle maan boven de bossen van Tirimbina. Hij kan ons op die manier geen grote zoogdieren laten zien! En zijn pittige collega Wendy die ons ook in Tirimbina de chocolade-tour geeft. Absolute klasse! Ik mag haar zeer vanaf de eerste seconde en hang voor de rest aan haar lippen (Honi soit qui mal y pense!) Het is tenslotte een vondst van Summum om de reis telkens na twee overnachtingen voort te zetten. Je krijgt zo het gevoel dat je werkelijk ergens bent. Jammer dat het verblijf met drie overnachtingen in Bocas del Toro in zo’n slecht weer terecht kwam en dat we daar het enige hotel troffen dat echt tegenviel.
 De groep: een vlotte groep, vooral door het grote aantal aardige, serieuze jongelui. Er is nauwelijks gekanker, ook bij tegenslagen; er is veel belangstelling voor de natuur. Er zijn nauwelijks of geen ruzietjes, spanningen onderling, ook niet bij de ouderen. Ook geen ‘crushes’ of tranen of andere gekke dingen, voor zover ik dat meekreeg. Ik heb er gelukkig geen echte antenne voor!
                                                             Kortom een geslaagde reis met veel                                                                                   meteorologisch geluk!!
     Zaterdag 29 november 2008, Spaubeek 5 voor 6 (18.00 uur).

BUNTER



                    

vrijdag 31 oktober 2014

BUNTER IN DE TROPEN XXII, vervolg van 26-11-2008

Een fraaie hagedis op ons pad. FOTO BUNTER


Op weg naar thuis
(deel 2, vervolg) 
voor overstromingen
hevigst toeslaan


Mijn eigen laatste blik op het oerwoud van Costa Rica. Botanische, naamloze variatie. FOTO BUNTER 

San José, woensdag, 26 november 2008. Het afscheidsdiner is in restaurant El Avion in Quepos. Een prima tent met uitstekende bediening. Ik neem rice a L’Avion en Ine vegetarische pasta. (Hee, het slaat nu zes uur op de toren van de kathedraal van San José; zes slagen en een heel nummer op de klokjes van een beiaard.) Rinus houdt een mooie speech bij de overhandiging van de dik- en dikverdiende fooien aan onze chauffeur Max-José-Angel en aan onze reis-engel, pardon begeleidster Marcha. Ze heeft alle e-mailadressen verzameld, gaat ons nog een hele zwik foto’s mailen en de groepsfoto.

Borrel  

Blijf lezen, Ine; dan weet je wat je ziet. FOTO BUNTER

  De afscheidsborrel in het historische vliegtuig El Avion, een Fairchild C-123 van Amerikaanse origine uit 1986, relict van de Iran-contra-affaire van Ronald Regen en Oliver North uit medio jaren tachtig, wordt voor mij persoonlijk een teleurstelling. Harde, voor Latijns Amerika irrelevante, Amerikaanse herrie-rock in een te kleine ruimte. Geen gelegenheid voor een gesprek enz. enz. Na een half uurtje vluchten we met proppen in de oren. Wanneer krijgen de lawaai- en gebonkverslaafden en aanstaande gehoorgestoorden nu eens in de horeca hun eigen zaaltje naast dat van de rokers of misschien zelfs gecombineerd ermee?

Luiaard

 Vlakbij El Avion hangt nog een tweetenige luiaard aan een electriciteitskabel over de weg. Een uiterst bizar gezicht. Hopelijk is hij niet op weg naar El Avion, want daar doet hij geen oog dicht! (18.25, klaar)
21.40 uur. Onze laatste rit van Quepos naar San José begint een beetje bezorgd. Hoe zal het die kant op zijn, ook al is het niet zo’n verre afstand? Het halve land aan de oostkant staat immers onder water. Hoe zal het ons vergaan? Eerst namen we afscheid van Boy, Irene en Nadine die doorreizen naar een plaatsje op een zuidelijke of noordelijke landtong aan de Pacific om effe bij te komen van deze leerzame reis. Twee mensen hebben hun rekening nog niet betaald van Villas Teca en de rest die wel betaald heeft, klaagt steen en been over de 8 $ voor het slechte ontbijt en de dure drankjes. Wij hebben dit hotel qua catering geboycot op advies van Marcha. En hebben dus niets te klagen. 8.10 vertrek.

Palmolie

 We laten de dames Carola en Ria achter. Zij willen nog twee dagen op het strand bij Manuel Antonio verder bruinen en uitrusten van ons avontuur. Iedereen heeft zijn sleutel ingeleverd. Er is slechts één sleutel ooit vergeten en meegereisd. Goede score. We hebben een rimpelloze rit naar San José. Enkele druppels regen, bewolkt, soms zon. Eerst langs al die neerdrukkende palmolieplantages. De maïsvelden van de tropen, zo lijkt het. We hebben één enkele opstopping, een oponthoud van een kwartiertje als door wegwerk een rijstrook met verkeerslichten beschikbaar is. We rijden lang, langs de zee aan onze linkerhand. Fregatvogels als zwarte vliegers hangen in de lucht.

Krokodillen

 Om 9.45 uur zijn we enkele kilometers achter Jaco, het nieuwe kuuroord voor hoofdstedelingen na Quepos en Manuel Antonio, bij de krokodillenbrug. Omlaag kijkend over de dikke reling zien we ongeveer twintig forse krokodillen donkergroenglanzend met zwarte stippen of beige/bruine afgelakt door dunne modder. Ze liggen doodstil op hun plekje te loeren tot iemand van een groepje lokale Tico’s een dode hond naar beneden smijt. De gedrochten komen bliksemsnel in actie. Geworstel, gewring en het kadaver is in no time verslonden.


Krokodillen bij de vleet. In het Spaans: Cocodrilos, let op die sprong-r-letter. FOTO BUNTER 
 Achter de brug is er voor velen van de zeventien overgeblevenen van ons reisgezelschap Kaffee mit Kuchen of iets anders. Na 45 minuten. Vamos! We krijgen de planning al door van Marcha voor de vertrekdag, morgen. Speciaal ontbijt voor ons op de begane grond om 4.45 uur..Midden in de nacht dus. Half zes koffers laden; kwart voor zes naar het vliegveld. 9.00 uur opstijgen naar dat vervloekte Newark.


WAAR blijft de KAFFEE MIT KUCHEN? Nee, niet kuchen! FOTO BUNTER







Vier uur

 Marcha zal ons met Max wegbrengen tot aan de incheckbali. Dan gaat ze terug omdat ze zelf om 18.00 uur naar Spanje vliegt voor een vakantie thuis en haar verjaardag op 6 december.
  Molas, het beste souvenirwinkeltje in de bergen, maar wel duur, is het laatste adresje dat we aandoen als we eenmaal oostelijk naar C.R.’s centraal plateau zijn afgeslagen. Koffie, banaan en ananas gratis. Intussen heb ik de Rode Dracaena voor Solange en Arjen gevonden in een van mijn twee boekjes. En dan stoppen we nog één keer in La Casita Café voor een blik op de laatste vallei voor die van S.J.


Een laatste blik in de laatste vallei vol nevelwouden. Adieu jungle. FOTO BUNTER
 Rond half twaalf zijn we in Hotel Gran Hotel Costa Ricain S.J. Een vertrouwd adres intussen. Om 22.15 wil Ine het licht uit, want de wekker loopt om vier uur af.
 Om 5 voor 19.00 uur opgestegen in Newark Liberty Airport New Yersey op Thanksgivings Day, donderdag 27 november 2008.
====================================================
 In de marge:
 Thuisgekomen lezen we op Internet na de woorden ‘Costa Rica’ en ‘overstromingen’ te hebben gegoogled, dat in Atenas, het laatste plaatsje waar we doorkwamen en waar de souvernirshop van Molas was, door de hevige regen, één hele dag na onze doorkomst, een enorme modderlawine naar beneden is gekomen. 14 doden! Wat een enorm geluk hebben wij toch gehad! Atenas ligt aan de westkant van San José, dus meer richting Pacific!
====================================================
 De kapitein kondigt aan, dat we in 6.23 uur naar Mokum vliegen. Dat betekent dat we om 07.00 – 07.30 uur vrijdagmorgen 28 november 2008 in Amsterdam zijn. Een vluggertje volgens Ine. We hebben woensdagmiddag na aankomst in San José niet veel meer gedaan. We gingen als een brave kudde mee met Marcha om ons 26$ lichter te laten maken bij een bank bij wijze van uitreisbelasting. Zelfs in Cuba, dat vele malen armer en ellendiger is, is het maar 25$.

Domme hoedje

 Uit minachting voor deze geldklopperij had ik expres mijn goorste en vettigste junglehoedje gistermorgen in Quepos, Manuel Antonio, uitgekozen om op te zetten. Komt er, nadat ik mee naar binnen was gespoeld in de sjieke bankzaal, zo’n uniformtype, soort ouwe livreier, naar me toe en wijst dat ik mijn – ik weet het – uiterst domme hoedje moet afzetten. (INKTVLEK, hier) Alsof we nota bene in de kerk zijn, uilebal! Deze gedachte spreek ik natuurlijk niet uit om het bureaucratisch proces, waarop vele landen in de wereld zo gek zijn, niet te verstoren en de groep van vakantietijd te beroven. Ik ben nu overgeschakeld op deze reserve-pen van Lamy, omdat mijn Waterman te heftig reageert op de luchtdrukverlaging in de cabine van deze vlucht op een hoogte van 34.000 voet. Zie de dikke inktvlek hier bijna recht boven, gelukkig gedept en gedroogd met het servetje bij de thee. Met melk, helaas! Bah!

Opperherder

  Na deze officiële beurzensnijderij, gaan we eerst even in de grote kathedraal van Costa Rica kijken. Opnieuw opgebouwd na een verwoestende aardbeving, eind twintigste eeuw, en in de omringende tuin, voorzien van een witmarmeren standbeeld van onze vorige paus JPII in een soort Eskimostijl. Ook de man en de vrouw naast de opperherder zien er qua trekken uit als Eskimo’s. Nu zijn alle oorspronkelijke bewoners van de Amerika’s van Noord tot Zuid ongeveer 10 – 20.000 jaar geleden via de dichtgevroren Beringstraat het nieuwe continent binnengetrokken en heel langzaam afgezakt door barre jungles. Daarom is het Aziatische uiterlijk zo eigen aan deze fijnbesneden Indianen. Jammer van de herstelmoeite, maar de kathedraal is kitscherig, sfeerloos en voorzien van flets glas-in-lood vol suikerzoete, vrome heiligen als Rosa van Lima, stadspatrones van Sittard, nota bene! Bovendien hangen achter het altaar 4 vlaggen, waaronder de nationale vlag van Costa Rica. Dat is toch werkelijk een bezopen gezicht. Zou er hier geen strikte scheiding van Kerk en Staat zijn? We rennen ook snel naar het Museo del Oro onder het centrale plein om de mooie halsketting met doublé indianenmotieven te kopen. Op onze eerste dag werd ons die halsketting voor 25 dollar aangeboden en Ine paste haar zelfs nog. Wat en bittere teleurstelling als dezelfde dikke juffrouw van drie weken geleden ons dezelfde ketting voor ruim 200$ aanbiedt. Ine is verslagen!We zwijgen allebei zeer ongemakkelijk en ook uit spijt dat we niet meteen hadden toegeslagen. Maar Ine vindt gelukkig nog een ander doublé/brons hangertje dat ongeveer de prijs heeft in onze gedachten.

Powernappen

 We gaan terug naar Gran Hotel Costa Rica, waar we even flink powernappen en verder onze spullen voor hedenmorgen heel vroeg al zoveel mogelijk op orde brengen. Ik scheer me want er is weer heet water in de wastafel al loopt de afvoer niet echt snel weg. Door de kraan niet helemaal open te draaien kirijgt de afvoer van het bekken de flow toch verwerkt. We horen de fan piepen, dus die kan echt niet aan.. de afzuiging van de keuken gaat af en aan met zacht, doch nadrukkelijk gezoem. En onder ons is, zo horen we later pas, een feestje van de jongeren van de groep. Eerst wat amorfe muzikale herrie uit de VS en dag gaat er iemand kleine stukjes piano spelen, telkens onderbroken door gejuich en applaus. Het doet me denken aan onze eerste huwelijksnacht in Kasteel Elsloo in maart 1972, toen we een kamer hadden boven een zilveren bruiloft en de jukebox en de feestgangers hard de evergreen ‘Kornblume blau’ ten beste gaven. Het duurt niet lang; absoluut niets tegen een feestje, maar wel tegen bouwers en architecten die vermoeide hotelgasten niet een HONDERD PROCENT GELUIDDICHTE KAMER kunnen garanderen!! Om half elf is het zo goed als stil. Ik slaap heerlijk tot drie uur, dommel nog een uurtje en dan gaat de wekkerfoon af.: 04.00 opstaan. Badkamer,(onleesbaar), laatste spulletjes pakken. Goede dingen in koffer en handbagage en dan om 4.45 uur naar beneden voor een goed verzorgd Europees ontbijt met tropisch fruit. Zelfs de papaya is te pruimen.

Rampgebied

 Om half zes, als de ochtendschemering langzaam ontdimt tot ochtendlicht, rijdt Max voor en begint het laden. Van 5 mensen geen bagage meer, dus het gaat snel. Met M.&M. naar het vliegveld. Via Max krijgen we de laatste update over de overstromingen. Panama heeft de grens met C.R. gesloten. Bocas staat helemaal onder water. De Caraïbische kust van Costa Rica en ook die van Panama is tot rampgebied verklaard. En dan worden we in de oude buitenwijken van San José uitgezwaaid en toegelachen door enkele forsgebouwde stoepmadelieven. De ochtend is koel, maar de lucht is nauwelijks bewolkt, al komt er boven de bergen wat grijs spul aanzetten. San José heeft een mooie, moderne luchthaven met leuke winkeltjes. Voor 12$ scoor ik nog een echte Mao-pet uit C.R.. Ik vind ook nog het boek ’Tropical Travel’ van Juan Carlos, uitgegeven door de Universiteit van Costa Rica in San José (39.90 $). Boven ons budget, maar voor later schrijf ik alle details en website in mijn blokje. Om 9.56 uur met ¾  uur vertraging stijgen we op in de 2x3stoelen smalle machine. We hebben voor ons 2-en 3 stoelen aan het westelijk raam.We zien in een heldere lucht de Keys van Florida, de kust bij Miami, heel duidelijk en later Chesapeake Bay, Baltimore, Manhattan met wolkenkrabbesr en het Vrijheidsbeeld. 

Paniek

We krijgen een lekker ontbijt aan boord, broodje ham-kaas-ei, warm en thee en zoete koek. In Newark, (daar is het een uur later) om ½ 4 geland en daar weer helemaal door de molen van douane, security, luggageband enz. Nizanne is haar koffer kwijt aan de band, maar ze blijken verwisseld en dat komt goed. Ine heeft ook een verkeerde rooie tas te pakken, maar we vinden onze spullen. Afgeven bij ‘recheck’ en door de security na het gepalaver van mr. Ko van de douane. Alle vingers plus de duim, daarvan moeten we afdrukken geven, plus een portretfoto. De idioten, maar beter dat dan een aanslag of neerstorten door een baardgek. Bij de security: schoenen uit en daarbij laat Ine de boardingpassen vallen. Paniek. Die van mij lijkt aanvankelijk onvindbaar, maar is onder een karretje geschoten. Hé hé. Ik eet Chicken teriyaki bij de Chinees in het Food Court van Newark Liberty Airport. Ine een hamburger. Om 6 uur aan gate 121 en nagenoeg direct boarden. We stijgen op als vermeld hiervoor en hebben nu nog ruim 3 uur te vliegen in een 2-3-2-widebody met een tailwind van rond de 90 km per uur. Ik ga leesslapen. Schluss.

Amsterdam

We zijn om half acht ’s ochtends Nederlandse tijd geland in Amsterdam na een zeer gladde vlucht van ongeveer 6,5 uur. Om kwart over negen rijden we met korting per trein naar Eindhoven samen met Rinus en Annemiek. Er is in die Schipholtrein (!) nauwelijks plaats voor koffers en tassen. 
Dat is pas heerlijk thuiskomen! Je kunt je kont niet keren tussen de koffers bij NS. FOTO BUNTER
 We vermijden daar gehel onwetend en toevallig een vertraging van één vol uur tussen Utrecht en Amsterdam (Amsterdam en Utrecht, natuurlijk – bunter) via de normale lijn. Daar zijn eerder kalkwagons ontspoord met een hoop rotzooi. We hebben in Eindhoven een overstap en na het uitzwaaien van R. en A. nemen we enkele minuten te laat om 11.10 de aansluiting naar Sittard. Wee gaan in het voorste stuk (Maastricht) zitten, maar de hele trein gaat naar Heerlen door een versperring tussen S. en M.  Ook daar hebben we bij aankomst rond 11.50 geen last van, want we stappen uit en nemen voor +_ 20 euro een zwarte taxi Mercedes naar Spaubeek. Onze reis is om 12.20 uur afgelopen en binnen wacht ons een tafel vol post, oude kranten en folders en flut. Ik rommel wat, maar val, als ik in een stoel zit, meteen in slaap. Naar bed tegen het yetlag-advies in … Slaap tot ½ 4 en ben dan pas echt thuis. THUIS!


BUNTER

(er volgt nog een EPILOOG over deze reis) 

woensdag 11 juni 2014

BUNTER IN DE TROPEN XX




Ontsnapt aan

 tropische

 wolkbreuken

en dikke modder

Een verrassend landschapje vanuit de bus. Hollandser kan het bijna niet: koeien in de groene wei achter prikkeldraad. Voor wie goed kijkt ziet dat het geen stamboekvee is, maar zeboe-achtigen met mooie grote, afhangende oren. Let ook op de witte vogels: koereigers. foto BUNTER
 

Maandag 24 november 2008, 22.31 uur. Quepos Manuel Antonio, Hotel Villa Teca, kamer/huis 31.
Hoe is het afgelopen met de bruine reuzensprinkhaan? Welnu, hij vloog het terras op van Adrie en Pieter op no 312 en ging op het krukje zitten waar zo-even Adrie nog gezeten had. Zij lag al in bed en hoefde dus niet te gillen op het terras. Later zakte hij naar de vloer af vlakbij de vitrage en vandaar kon Pieter hem met veel koelbloedigheid van het terras afschuiven in de vegetatie. Vanochtend vroeg zat hij aan de andere kant van het terras weer tegen de vitrage aan de buitenkant, waar Ine mooie foto’s van hem kon maken. Einde griezelverhaal, hoewel er door anderen bij en in het restaurant nog groene reuzensprinkhanen gezien zijn die daar ook rondvlogen.

Een smal bruggetje naar nergens in onze hoteltuin. Rechts een Dieffenbachia met bonte bladeren. Staat in ons klimaat al;s kamerplant bij de bloemist. Tropisch onkruid, dus. Ook voor ons eigen onkruid zou meer respect opgebracht moeten worden. foto BUNTER


Om ½ 12 koffers bij de bus en om ½ 1 vertrek naar Quepos over veertig kilometer slechte, ongeasfalteerde weg. Wij eten in de bus met drie halve sandwiches die we die ochtend bij het goede bakkertje annex lunchroom in Domenical gehaald hebben. Bij wijze van afscheid lopen we nog een rondje door het mooie park met de orchideeënboom (lelies kan ook) naast ons huisje, een brugje over een woudstroom en de ontdekking van een soort theatertje met bühne. Overal mooie vlinders, een hele grote en cycaspalmen. We rekenen meer dan 90.000 af bij de receptie en na nog even Maritza en haar groene ara op een stokje van dichtbij gezien te hebben. *** De ara roept hard MAMA en krijst als een baby omdat hij grootgebracht is in een kinderrijk gezin.***  De rit naar Quepos gaat voorspoedig. We horen van Masja dat we veel geluk hebben, omdat op onze eerste avond in Bocas del Norte het is beginnen te regenen en het niet meer is opgehouden.

Waarom groeit dat nou niet bij ons in de wilde berm, het laatste plantenrefugium? Jawel, de Paradijsvogelbloem of Strelitzia op zondag. Ik kan de roze bloemtrossen links van het midden niet op naam brengen, maar aan het grote S.-blad is te zien, dat het een neef van de banaan is. Foto BUNTER.


 Een Summumgroep, een week achter ons, heeft door extreme modder en overstromingen Cahuita en Atlantida Lodge niet kunnen bereiken en een uitwijkroute moeten nemen. Haar collega Marieke was behoorlijk gestrest. Het tv-nieuws en de kranten melden dat bijna 2000 mensen vooral in de buurt van het BriBri-reservaat zijn geëvacueerd en opgenomen in herbergen.  Langs de rio op de kiezelbanken zien we twee keer de witte ibis met roze, kromme snavel en zijn vismaatje de witte reiger met de felgele poten. 
Een oliepalmplantage, de pest van het tropisch regenwoud. De aanleg van deze plantages overal in de tropen, gaat heftig ten koste van het oorspronkelijke regenwoud. foto BUNTER


Quepos is een stoffig en rommelig oord, waar we onze laatste souvenirs voor de kids kopen. Het regent een beetje in de hoteltuin, een doolhof vol trapjes, waarin zelfs de zeldzame kofferdrager met plattegrondje verdwaalt. We openen onze kamerdeur en lopen vanuit de broeierigheid een ijskelder, een echte !, van 17 graden Celsius in. De airco is afschuwelijk. Af met dat ding! Ik slaap een uurtje, kijk wat tv om een beetje nieuws op te pikken. ’s Avonds eten we gezamenlijk in El Gran Escape in Quepos, omdat ons hotelrestaurant erg duur is en niet lekker. Ine neemt een lekkere kalkoensalade en een biertje. Ik gesauteerde zeevruchten met rijst en een kamikazeborrel vooraf (tequila met limoensap). Nog twee thee toe, waarvan 1 Pu Erh (Chinees en zeer bekend thuis) . We zijn 20.000 colones kwijt, nog geen 30 euro. En nu is het 23.10 uur en Schluss. Het tropische bomenboekje dat we in het Hotel Villas Rio Mar kochten, is een groot succes: alle bomen staan erin Schluss dus!
BUNTER        

zaterdag 11 januari 2014

BUNTER in de tropen XIX




Van geldklopperij,

Dignis-Indianen

aardbevingen, Yessica,

snoep slaan en reuzen-

griezelinsecten

Hallo, sprinkhaantje, wat ben jij een joekel, zeg  FOTO BUNTER

Zondag 23 november 2008, Villas Rio del Mar in Dominical, Costa Rica, 12.37 uur.
Gisteravond was ik te  moe om te schrijven. Vandaar dat het nu gaat over onze reis vanuit Bocquete, bergland, terug naar Dominical, Costa Rica. We vertrekken uit hotel Fundadores (Budget, 27,50 $$ per nacht p.p.). We hebben goed geslapen in Bocquete in een goed bed van nummer 10. De disco bonkte wel tot 02.00 uur, maar ik had langwerpige propjes van nat WC-papier in mijn oren. Ik hoorde alleen mijn eigen bloedsomloop ruisen en op de achtergrond toch nog dat belachelijke, hormonale gebonk dat ze ‘muziek’ noemen in de westerse wereld. No way!! Daarom besluit ik na een half uur te stoppen met ruisen en de proppen uit te doen.
Een bergstroom klatert langs ons Panamese hotel. FOTO BUNTER

 We vertrekken uit dit koffiebergdorp met Indianen om 7.40 uur ’s ochtends. Het avondeten in Boquete namen we bij Roxane’s restaurant. Ine een dorada-vis die niet helemaal gaar geworden was op de grill en terugging voor een nieuwe behandeling en ik een halve gerookte kip, op hout gerookt en aan de buitenkant van de stukjes helemaal bruin. Bij het koffers naar de bus brengen missen we Ine’s kofferslotje uit San José: het was niet vastgemaakt en is van de tas gevallen in de gang. Ook een van de schoenentassen staat nog op de kamer. Het slotje is al snel gevonden en zo is alles weer OK. Vlak na het vertrek ruiken we een vieze lucht in de bus. Max doet een snelle controle: lucht door airco aangezogen van buiten. Nergens rook. Vals alarm, verder.
 In hotel Fundadores is de aardschok van maandag op dinsdag om 11 over middernacht goed gevoeld. Het hotel heeft de volle laag gekregen, maar geen schade. Het epicentrum lag op 30 km van David in de bergen. David is de Pacific haven van Midden-Amerika, zoals Limon de Caraïbische haven is.

00-0-0-0-0-00

Intussen hebben we op blz 10 links van de krant The Tico Times een bericht over de aardbeving gevonden: 20 regels. Het tijdstip 00.11 uur dinsdag 18/11, de kracht 6.2 Richter en het epicentrum als 12 km ten noorden van Puerto Armuelles in Panama langs de breukzone van Panama, en verder naar het noorden tot in C.R., gevoeld tot in Sarapiqui en San José. Het kopje luidt: 6.2 Quake Shivers the Timbers in Panama, C.R. Let op: als in het Duits alle substantieven met hoofdletters en een journalistiek cliché: Shivers the Timbers. Ook het werkwoord krijgt een kapitaal.


Nog een belangrijk bericht: Het Nationale Museum lanceert een botanische website met bijna 180.000 soorten van bloeiende planten, ruim 32.000 varens, 5.600 zwammen en 1780 soorten algen.
   Adres;   www.museocostarica.go.cr/herbario. Alles in het Spaans en botanisch Latijn.
Deze merkwaardige sterbloem ga ik zeker opzoeken in het 'herbario' van Costa Rica. FOTO BUNTER


 -0-0-0-0-0-0-0-0-0-0-0

Om 8.20 uur, net onderweg, zien we de eerste moskee met één minaret en een halve maan in dit deel van de wereld. Om 10.15 uur Pan.tijd, 9.15 uur CRtijd, is de grenspassage bij (?) geslaagd. Solange haar paspoort mist een stempel (exit CR), maar het blijkt geen probleem. Wel controleren een heer en een dame met al onze paspoorten de binnenkant van de bus. De koffers hoeven niet open; bij een grotere bus met muzikanten, wel. Het weer is intussen op dit zeeniveau warm en broeierig geworden.

-0-0-0-0

We moesten aan de Panama-kant van de grens in de wachtrij voor het douane loket nog voor ?$ p.p. een klein, geel stickertje kopen, dat mannen en vrouwen met feloranje hesjes en de gemeentenaam ons in het paspoort kwamen plakken. Functie totaal onbekend: conclusie: geldklopperij van toeristen. Zoals mijn goede moeder zaliger altijd zei: als ik van iedere auto die door de straat komt een gulden krijg, ben ik snel rijk. En zo is het, Make!
We moeten een quarter of 25 dollarcent voor de WC betalen aan de Panamese kant van de grens. Velen plassen ‘zwart’ omdat de juffrouw even weg is. Enkelen ontvangen een echt ‘pis-recu’ na betaling.

 -0-0-0-0-0

 Omdat het nog 2,5 uur naar Palmar Norte is, slik ik veiligheidshalve een loperamide-pil tegen Durchfall. Het horloge gaat een uur terug: een uur langer vakantie, hoera!

Enkele sfeerbeelden van een wegrestaurant in Midden-Amerika. FOTO BUNTER


 Om vijf voor elf stoppen we in wegrestaurant Dignis. “Zo heet de vallei hier”, zegt het kleine, dikke dienstertje Yessica Teyes. We drinken thee; ik ga nog even naar de baño. (Nog steeds een beetje Durchfall, maar zeker niet ernstig). Ik heb intussen in de gids van National Geographic Costa Rica gelezen, dat de Dignis het belangrijkste Indianenkustvolk aan de west- of pacifische kant van het land is. Ze hebben zelfs bouwwerken op een plek achtergelaten. Ik weet niet of er nog Dignis leven. Denk het wel. Yessica vraagt de oeroude, klassieke vraag: ποθεν; Waar komen jullie vandaan en daarna ook: welke taal spreken jullie? ‘Dutch’ kan ze niet thuisbrengen. Ik leg het uit met Duitsland en dan vraagt ze plompverloren: hoe zeg je ‘I love you’ in het Dutch? Ik schrijf het op voor kroekestöpkeY. Natuurlijk eerst in het Chinees: 我爱你 wo3ai4ni3 en dan in het Nederlands met uitleg van de klinkers. De ‘ou’ van ‘houd’ klinkt als de klinker van ‘cow’. Ik schrijf ook het antwoord op: ‘Ik ook van jou’. En nu maar hopen dat de kleine, dikkige Yessica iemand vindt uit Nederland op wie ze deze woordenschat kan toepassen. Ik geef haar mijn website en ze riposteert met haar e-mailadres: yessicateyes@hotmail.com. In restaurant Dignis hangen al de nodige kerstballen aan het plafond aan draadjes. Zij zijn daar ook een houten terras aan het bouwen ter linkerzijde. Boel herrie, dus. Er worden twee rode, overvliegende ara’s gespot. Ik was net mijn handen bij de baño en mis ze dus. Macha en Max nodigen ons uit om ½ 7 in de zwembadbar voor een verrassing. Nog een uurtje naar ons hotel.




Ons Zuidzee-hutje in Villas Rio Mar. FOTO's BUNTER

 Wij zijn ongeveer rond ½ 2 op kamer 314 van Villas Rio Mar. Een soort Zuidzee-hut met bladerdak, witte vitragegordijnen rond een privéterrasje voor de deur. Goed licht binnen, een barretje met koelkastje buiten. Twee lampen op het terras, schrijftafeltje binnen, badkamer, goed te regelen douche. Veel aflegruimte en kast en rekje op badkamer en tafeltjes en fauteuil en 2-zitsbank op het terras. Alles in bamboe: tempo doeloe. We laden af en gaan eerst lunchen, als we ons plekje voor twee nachten gevonden hebben. Ik neem een hamburger en Ine een sandwich met frites. Bij de lunch ook natural water met ananas en bananen voor mij en milkshake voor Ine met enkel banaan, kosten ruim 22$. De loperamide heeft zijn werk gedaan: mijn darmen hebben Domenical gehaald en ik kan onbedreigd bij de supermercado de sleutels voor de baño vragen.
De ingang naar ons nieuwe paradijsje in Costa Rica FOTO BUNTER

 Max en Marsja geven ons als verrassing in de zwembadbar een piñata-treat met een grote blauwe beer van karton en crêpe-papier.  Zijn dikke poten zitten  helemaal vol met superzoete snoepjes en lollies. 2,5 kilo in totaal. Met een touw om zijn nek hangt Max de beer op over een grote ronde balk die twee staanders verbindt. Om de beurt worden mensen geblinddoekt en rondgedraaid. Ze hebben een lange stok in de hand en moeten het snoep uit de beer slaan. Een traditionele kindertraktatie bij verjaardagen in Latijns-Amerika. Bij ons ouderen en jongvolwassenen gaat het wat ruiger toe. Hoewel Max de blauwe beer snel verplaatst, zo gauw de mepper de blinddoek om heeft zijn de klappen nogal raak. Adri van Pieter mept zelfs bijna het bomvolle snoepmandje van een tafel af en wel een glas met vruchtpunch dat we allemaal krijgen.
Eerst ophangen;

Dan meppen met een stok;

En dan zijn er heerlijke zoete snoepjes. Je raakt er gewoon je hoofd van kwijt FOTO's  BUNTER


 Voor die tijd heb ik mijn eerste confrontatie met een groot, tropisch insect achter de rug. Hoog in de vitrage van het terras in de sectie links van de hangmat spot ik iets dat lijkt op een vastgenaaid dor blad. Ik kijk goed en ik zie een langwerpig, banaanachtig lijfje met op de rug twee donkerbruine vleugels in de wesp-positie. Ik por het beest om hem voorzichtig buiten de vitrage te werken en ik krijg meteen de griezels van het gefladder en gevlieg van het dikke beest. Ik walg en griezel tegelijk en het beest vliegt heel hoog tot in de nok van onze hut, buiten, gelukkig.
22.05 uur. We eten de eerste avond lekker in het restaurant van Villas. Ine neemt iets vegetarisch dat zwaar valt en een beetje diarree veroorzaakt. Ik neem vis in geflambeerde amandelen en dat is heerlijk. Om 22.00 uur te bed onder het voortdurende gepiep van cicaden. Ik slaap als een roos en ontwaak verfrist, maar Ine heeft door de matras onder het bed niet, helemaal niet geslapen en staat gebroken, met een stijf been en een onwillige bilspier, op. Zij heeft in de vroege ochtend waarschijnlijk een vogel horen roepen met een geluid dat ze omschrijft als “een hoge vrouwenstem, die oproept tot een ritueel”, in drie tonen, eerst twee klimmende en dan een dalende. Nu lees ik bij National Geographic dat in Costa Rica, maar dan alleen in sommige stukken van het nevelwoud een drielelklokvogel leeft die een sinistere, metalige roep heeft die somber door het woud klinkt.
Het leven is hier zo uitbundig, dat de wekelijkse vuilniszak in een kooi moet worden aangeboden, anders wordt het afval opgegeten door de plaatselijke fauna.FOTO BUNTER
 Wij zijn niet meegegaan met de walvistoer, vandaag, en ook niet met de wandeling door natuurreservaat Corcorades of iets dergelijks. We horen achteraf om 17.00 uur van de deelnemers, voornamelijk de jongeren, dat de chauffeur niet om 06.00 uur kwam opdagen, maar pas om 07.00 uur. Dat er geen walvissen op zee gezien zijn na een tocht van zes uur op de Pacific. Dat het hard regende tijdens de lunch, dat er Spaanssprekenden aan boord waren die ruzie kregen met hun reisleider en dat die niet-smalle Ria in het water gevallen is tijdens het waden naar de speedboot. Maar dat er wel slangen, krokodillen en toekans gezien zijn. Een trip van 95$$ p.p. was voor sommigen een teleurstelling; anderen vonden hem wel interessant. De natuur laat zich nu eenmaal niet dwingen. We gaan zaterdagmiddag laat nog even het zwembad in in lekker fris, maar niet echt koud water.
  We ontbijten simpel met thee, geroosterd wittebrood en guave-jam. We gaan om ½ 10 op pad richting natuur, linksaf denken we, maar in plaats daarvan komen we in een primitief dorpje uit onder een betonnen brug, Domenical/Pueblo del Rio. Veel shabby restaurantjes in gribusstijl en backpackers-hotelletjes op palen vlak achter het Pacific-strand vol bruin zand met riviergrind en heel veel aangespoeld drijfhout, voornamelijk boomtakken en stronken. We besluiten daar nergens te gaan eten, maar gaan wel koffie met muffin en brownie eten bij het goede bakkertje onder de plastic groene kerstboom met rode ballen en strikken. Er is ook een heel goed groenteboertje met prachtig fruit, vers.
In het schamele dorpje langs de riviermonding  FOTO BUNTER
Vrolijk onder de kerstboom. Elk jaar een snikhete KERST. FOTO BUNTER 
Aan de rand van het secundaire oerwoud. FOTO BUNTER
-0-0-0-0-0-

Het water in de grote fles in het koelkastje is voor ¾ knatsjbevroren en het blikje ook bijna helemaal. Ik moet met de zeildoek pen van mijn Swiss-Army-knife een wak hakken in de hals van de fles. Bij het ontbijt worstelt een oudere Amerikaan met een ketchupzakje. Ik presenteer hem mijn zakmesschaartje, maar het gaat al. Hij blijkt een Hollandse grootmoeder te hebben, als ik me laat ontvallen: “If you ain’t Dutch, you ain’t much”. Van Mos, zegt hij. Nooit van gehoord, ha ha!

-0-0-0-0-0-0-
FOTO BUNTER
Ine fotografeert in het dorp het waarschuwingsbordje “Don’t feed the alligators” op en dikke boom achter een zwaar hek. Een een donkerbruine vlinder op het blad van een struik. Het dier heeft een soort staart aan de vleugels.

De bruine vlinder met de vleugelpunten, niet helemaal scherp, jammer genoeg! FOTO BUNTER


-0-0-0-0- 
                          
Aan de eerste weg achter het strand veel snuisterijenuitstallingen. Er komen twee agenten voorbij die ‘Ola’ roepen. Ik zeg: ‘Ola, ola, cascador sin pistola’, maar corrigeer op tijd: ‘con pistola’. De allereerste keer heel letterlijk.
’s Morgens: een bruine en een bruinzwarte eekhoorn op de dikke boom tegenover ons terras naast de boom met de roze leliebloemen, heel mooi. Lekker op kamernummer geluncht met een sandwich voor Ine en ik een Ceviche, een rauwe vis in blokjes, gemarineerd in limoensap, heel apart. Op weg naar het dorpje volgen we de rivier, waarin we op grindbanken een ibis met grote, kromme, roze snavel, een paar witte reigers (een zilver-, een met gele poten) en een paar strandlopertjes zien plus een aalscholver.
 
Snuisterijenkraampjes tussen strandpalmen. FOTO BUNTER

Akkoord, een zoekplaatje, maar er staan wel een ibis, een reiger en wat steltlopertjes op. FOTO BUNTER

-0-0-0-0-0-

Ine maakt een foto van een palmenrij bij het restaurant met felrode stamsegmenten. Langs het pad prachtige Cicaspalmen.
Palmen met felrode stam, vreemd. FOTO BUNTER
-0-0-0-0-0-

Om half drie gaan we rechtsaf, ook langs de rivier.
-0-0-0-

We zien de rivier haaks in de zee uitmonden, de Pacific. Geen koraal voor de kust, dus, denk ik.

-0-0-0-

 En langs blaffende honden aan een touw, gelukkig. We vinden een bord rechtsaf (nature trail and birdwatching). We gaan daar het secundaire oerwoud in.  Eerst over een breed stroompje met voldoende platte stenen om droog over te komen. Dan gaat het door de weelderige vegetatie hairpinsgewijs steil omhoog. We horen er veel, maar zien weinig woudvogels. Wel een vlinder met knal- en knalrode vleugeltjes, die als een te fel vlammetje in de lucht rondfladdert. Als hij stil aan een dood takje gaat hangen is het net een dood blaadje. Een bordje langs de weg ‘Caballos te huur’. Caballos – paarden, ‘baj’ in het Maastrichts: een oorspronkelijk Spaanse woord? Het woud is smoorheet en drukkend zonder zon. Opnieuw maakt het grote indruk op me. Om 16.00 uur terug. Uitrusten, lummelen tot het avondeten met Pieter en Adrie uit Brabant; heel fijn gekletst over reisavonturen.

-0-0-0-0-

Bij het avondeten zingt een Spaanse crooner het mooie lied ‘Amapola’ (klaproos). Eindelijk mijn muziek in plaats van dat stomme k..gebonk.

-0-0-0-0-
Daar istie weer, die griezel. FOTO BUNTER


Ik heb Arroz con mariscos gegeten met ‘mono loco’, gekke aap, na. Banaan met ijs en chocoladesaus. Op de terugweg gaat het griezelverhaal verder. Op de buitenkant van de vitrage van Adrie en Pieter op 312 zien we een reuzensprinkhaan zitten van wel tien centimeter lengte. Ik waarschuw de buren als ze terugkomen en Pieter neemt foto’s met flits. Het dier is inderdaad enorm en chocoladebruin met een werkje. Hij fotografeert ook van binnen en dan zie je de grote bruine poten en het oranje-zwart gestreepte lijf. Pieter mept ertegen met een schoen, maar hij houdt zich stevig vast aan het gordijn bij het lampje. Als hij gaat vliegen, ga ik gillen. Meer mensen komen kijken. Griezel de griezel ook al doen die dieren helemaal niks. 22.55 uur. Schluss.
BUNTER      
     

Nog een keer de bruine vlinder, al scherper en op de achtergrond is een bouwperceel te koop. Wonen in de tropen: een idee om lang aan te wennen, denk ik. FOTO BUNTER